Bloemgracht

Deze gracht is aangelegd in de eerste helft van de 17e eeuw, verbindt de Prinsengracht met de Lijnbaansgracht en loopt tussen (en evenwijdig) aan de Nieuwe Leliestraat en de Bloemstraat. De gracht is vernoemd naar het Bolwerk de Bloem. Aanvankelijk waren op en nabij de Bloemgracht meerdere ververijen gevestigd en ook diverse suikerfabriekjes waren destijds op deze gracht in bedrijf. Rembrandt van Rijn had op de Bloemgracht een atelier. In 1635 kwam er aan de Bloemgracht ook een bekende cartograaf: Familie Blaeu creëerde in 1662 de Atlas Maior (Grooten Atlas van Blaeu). Het bedrijf was aanvankelijk gevestigd op de hoek Bloemgracht/Tweede Leliedwarsstraat en later op de hoek van de Derde Leliedwarsstraat.

De drie panden aan Bloemgracht 87, 89 en 91 zijn De Drie Hendricken. Sinds de vorige eeuw zijn deze panden eigendom van vereniging Hendrick de Keyser, een organisatie die zich inzet voor het behoud van historische panden in Nederland. De drie huizen, die dateren uit 1642, zijn gebouwd in renaissancestijl en zijn zeer goed bewaard gebleven. De drie gevelstenen, de 'Steeman', de 'Landman' en de 'Zeeman' verwijzen niet naar de beroepen van de bewoners maar naar drie manieren van leven: het leven van een stedeling, een dorpeling en een zeeman.

Bruggen aan de Bloemgracht

Brug 120: de Atlasbrug over de Bloemgracht, hoek Derde Leliedwarsstraat (vernoemd naar de Atlas Maior).
Brug 121: Rosa Overbeekbrug, Eerste Bloemdwarsstraat naar Tweede Leliedwarsstraat (vernoemd naar de fictieve vriendin van Kees de Jongen).
Brug 123: Kees de Jongenbrug, Bloemgracht over Prinsengracht (vernoemd naar personage uit het boek Kees de Jongen van Theo Thijssen).